Aaibare exoten veroorzaken mini-massauitsterven



Kok Restaurant As bereidt Chinese Wolhandkrab


KNJV nr 16/2014

Mondiaal zijn invasieve exoten een hoofdoorzaak van uitsterven van soorten, maar in Nederland en andere regio’s neemt het aantal soorten sterk toe dankzij nieuwkomers. Bij de schadelijke exoten zou bestrijding natuurwinst geven, maar aaibaarheid strijdt hier met biodiversiteit.

Invasiebioloog Dan Simberloff schreef recent dé nieuwe exotenbijbel sinds Charles Elton het vakgebied van invasiebiologie in 1958 op de kaart zette: ‘Invasive Species, What everyone needs to know’, verschenen bij Oxford University Press. Hij schat de (landbouw)schade die exoten aanrichten in de tientallen miljarden dollars per jaar. Toch is aanpak van exoten een complexe zaak. Want bestrijding is vaak dweilen met open kraan door de open grenzen van onze geglobaliseerde wereld. En wanneer is een nieuwkomer ongewenst of exoot af?

Vast staat: Invasieve nieuwkomers die met mensen meeliften als ratten zijn de mondiale hoofdoorzaak van het uitsterven van soorten, samen met habitatverlies. Van 1970 tot 2000 stierven 58 soorten vissen uit, cycliden dankzij introductie via ontwikkelingshulp van de Victoriabaars in Tanzania. De met een vliegtuig meegelifte bruine boomslang op het Pacifische eiland Guam roeide 9 inheemse vogelsoorten uit, en breidde zich uit met miljoenen.

Ook op langere tijdschaal zijn invasieve exoten de belangrijkste oorzaak van uitsterven. Sinds 1500 stierven ongeveer 200 soorten zoogdieren en vogels uit. De meeste extincties, 95 procent vonden plaats op eilanden. Van alle uitgestorven vogelsoorten, ongeveer 100, kwam de helft aan zijn eind dankzij predatie door geintroduceerde zoogdieren. Ook nu zijn invasieve zoogdieren als ratten (81 procent) de belangrijkste bedreiging voor de 398 als bedreigd gekwalificeerde vogelsoorten op eilanden.

Onweidelijke jacht speelde afgelopen eeuw een marginale rol bij uitsterven van diersoorten, iets meer in de 19de en 18de eeuw. In 1914 stierf de Amerikaanse trekduif uit door overbejaging, in 1936 de Tasmaanse buidelwolf. Overbejaging was vooral bij niet-Westerse natuurvolken een probleem: De Indianen worden in Amerika verantwoordelijk gehouden voor uitroeiing van de megafauna rond 10.000 jaar geleden. De Maori’s roeiden na hun komst op Nieuw Zeeland 800 jaar terug ruim 40 procent van de inheemse vogelfauna uit. De natuurvolken gedragen zich vaak als invasieve exoot.

 

De biologische uitwisseling tussen continenten met de mens als vector, kan ware slachtingen veroorzaken, tot resistentie intreedt. Zo roeit nu een van Europese vleermuizen afkomstige neusschimmel Amerikaanse vleermuispopulaties uit. De van Indiase bijen afkomstige varroamijt is een belangrijke oorzaak van bijensterfte in Europa die diverse wilde bijensoorten de das omdeed.Omgekeerd deed de parasiet van de hier geintroduceerde Amerikaanse rivierkreeft de Europese rivierkreeft de das om, zodat nu de Amerikaan in Nederland de plaats inneemt van de Europese.

Mondiaal zijn ongeveer 400 soorten padden en kikkers nu bedreigd dankzij verspreiding van een exotische schimmel- chytride b- die afkomstig is van de Afrikaanse klauwkikker. De kikker werd in laboratoria wereldwijd verspreid voor zwangerschapstesten. De schimmel kwam zo terecht in gebieden, waar amfibieen niet resistent zijn. Op Hawaii drijft exotische vogelmalaria via geintroduceerde muskieten nu de inheemse vogelpopulatie bergopwaarts. Waar het te koud is voor muskieten, handhaven de vogels zich nog.

In de wapenwedloop van de natuur evolueren diersoorten een verdediging tegen bestaande vijanden. Een invasieve nieuwkomer zet de stopwatch van de evolutie weer even op nul. Bij een plotse nieuwe succesvolle vijand – of het nu een microbe is of een rat- ontbreekt die defensie. Een slachting is dan het gevolg tot de nieuwkomer is ingedamd, of tot de inheemse soorten zich leren verweren, resistent worden.

Maar het effect van nieuwkomers op de hoeveelheid soorten in een gebied is dubbel. Mondiaal leiden invasieve soorten tot verschraling, maar lokaal en regionaal voegen nieuwkomers- al of niet meegelift met menselijk verkeer- biodiversiteit toe. Een studie in Science in april dit jaar van Maria Dornelas op basis van 150 jaar verspreidingsdata van plant- en diersoorten herbevestigde mondiaal nogmaals wat een studie in The American Naturalist in 2002 aantoonde: waar mondiaal verschraling optreedt van biodiversiteit door habitatverlies en invasieve exoten, kan lokaal en regionaal eerder toename van soorten plaatsvinden.

Dit dankzij de vestiging van nieuwe soorten, waaronder veel exoten, én het ontstaan van nieuwe habitats. Het aantal nieuw gevestigde plantensoorten (2089) op Nieuw Zeeland overtreft het aantal uitgestorven soorten ruimschoots (3). Ook op 7 andere Pacifische eilanden blijkt dit het geval. En het aantal verdwenen vogelsoorten wordt gecompenseerd door de nieuwkomers. Ook in Nederland kwamen afgelopen eeuw meer plantensoorten bíj, dan er verdwenen. Voor nieuwkomers sinds 1500- al of niet geintroduceerd door mensen- hebben floristen een eigen term: neofyten. De meeste soorten daarvan beschouwen we als ingeburgerd onderdeel van de Nederlandse Flora.

 

De vraag of een soort hier ‘hoort’ biedt garantie voor oeverloze discussies. Neem jachtwildsoorten als fazant en konijn, beide exoten. Het konijn werd in de Middeleeuwen uit Spanje in onze duinen geintroduceerd voor vacht en vlees. Het duinkonijn ontpopte zich tot invasieve exoot, die de duinen kaalgraasde en zandverstuiving veroorzaakte.

Nu het konijn door VHS en myxomatose deze kaalslag niet meer aanricht en duinen dichtgroeien met struiken en bomen, willen natuurbeheerders het duinbeeld terug dat mede dankzij deze exoot ontstond. Dat willen zij bereiken met een 100 procent exoot op de Waddeneilanden, die als megakonijn moet fungeren: de Europese bison (wisent is de Duitse naam voor bison). Dit nadat de bison eerder in het Kraansvlak in de Kennemer duinen een populatie invasieve ecologen aan werk, onderzoek en publicaties hielp.

Veel mensen hebben ook plezier van de Indiase halsbandparkieten in het Vondelpark. De Amsterdamse stadssperwer- die vroeger in het bos ‘hoorde’ te leven- heeft de exoot al op zijn menu staan. De eerder onkraakbare Japanse oester staat nu ook op het menu van kleine mantelmeeuwen, die hem op dijken laten stukvallen. Veel soorten worden dankbaar opgenomen in de bestaande ecosystemen, die zij zelf helpen vernieuwen. En de Japanse oester is ook zeer geschikt voor menselijke consumptie.

De mate van schadelijkheid biedt wél een handvat voor tolerantie van nieuwkomers, én de rol die jagers hier kunnen spelen. Alleen een bijna militair opgezette uitroeiingscampagne werkt dan tegen blijvende vestiging. Het meest succesvolle voorbeeld was de uitroeiing van de malariamuskiet in Brazilie na ontsnapping uit een lab, met een door de regering gecoordineerde campagne tot in de uithoeken van het regenwoud. Dichter bij huis wisten Schotse jagers op de Hebriden met het mink eradication project ontsnapte nertsen succesvol te verwijderen, na schade aan zeevogelkolonies. Voor een nieuwkomer als de wasbeerhond lijkt zero tolerance ook de beste optie: hij verspreidt voor mensen dodelijke parasieten als de vossenlintworm en voegt (nog meer) predatiedruk toe aan jachtwild.

Maar in geurbaniseerde landen is effectieve bestrijding voor biodiversiteit vrijwel onmogelijk, wanneer iets een vachtje of veren heeft. TC Boyle schrijft in zijn roman ‘When the killing is done’ treffend over de clash tussen op aaibaarheid gerichte dieractivisten en op biodiversiteit gerichte natuurbeschermers in het exotendebat. Natuurbeschermers willen de geintroduceerde varkens op Californische eilanden met hulp van jagers verwijderen, om zo de inheemse fauna en vegetatie te beschermen. Maar zij stuiten op fel verzet en de campagnes van urbane activisten, mensen die vinden dat mensen geen dieren mogen doden.

Een echo van de Nederlandse situatie. Ook organisaties aangesloten bij ‘De Groene 11’ verdedigen het standpunt dat alleen dieren andere dieren mogen doden. Argumenteren helpt de beschermers van biodiversiteit niet verder in Boyle zijn roman, ookal is de schadelijkheid aangetoond. We zien een vergelijkbaar Boyleaans toneelstuk bij de vraatschade door de exotische damherten in de Waterleidingduinen, die kaalslag in biodiversiteit veroorzaakt. Of de (e)motie van de Partij voor de Dieren tegen de jacht op verwilderde huiskatten in de natuur, 100 procent zuivere exoten die zich invasief gedragen.

Dit gaat lijnrecht in tegen alle internationale onderzoek waaruit de schadelijkheid blijkt van huiskatten – exoten in de natuur- voor kleinwild en broedvogels blijkt van deze exoot. Amerikaans onderzoek gaf een schatting van 2,4 miljard gedode vogels per jaar door 30-80 miljoen zwerfkatten. Auteur Richard Coniff pleitte in de New York Times dan ook dat de kat een taboe moest worden als roken boven de wieg. Gronings onderzoek naar faunaschade op Schiermonnikoog door verwilderde katten bevestigt de impact die wilde katten hebben op jonge hazen en grondbroedende vogels. In plaats van de jacht op katten te intensiveren, laat Natuurmonumenten hier steken vallen. Beheerders beweren bij navraag dat jacht dweilen met de kraan open zou zijn.

Een eerlijker antwoord: kattenjacht is impopulair, en vraagt een intensieve en kostbare aanpak. Nu zetten dierenvrienden in de Haagse duinen verwilderde katten weer terug in de natuur, nadat ze deze eerst steriliseren of castreren. Wanneer natuurorganisaties behoud van biodiversiteit als hoofddoel hadden, zou actieve jacht op zich invasief gedragende en schadelijke exotgen als de huiskat hoger op de prioriteitenlijst staan dan non-issues als ‘de klimaatverandering’, waardoor tot nu toe geen enkele soort uitstierf. Het zijn invasief exotische zoogdieren die zeldzame en kwetsbare dieren de das om doen.

Een pragmatische aanpak met culinaire winst is alvast mogelijk. De Amerikaanse rivierkreeften gaan in het Groene Hart nu gretig over de toonbank als Hollandse polderkreeft. En ‘onze’ Chinese wolhandkrab vindt haar weg richting de Chinese keuken. De huiskat vindt nu alleen nog aftrek bij Aboriginals in Australie, die de daar eveneens exotische kat- veroorzaker van extincties van buideldieren samen met de vos- als lekkernij beschouwen. Maar in tegenstelling tot koe, kip en varken zal Poeki hier geen culinaire hit worden. Te exotisch, zo’n gerecht…